Datum plaatsing: 21 feb 2017

14 cent per uur



Door: Jan van der Krabben: Zoals veel jeugdigen hebben ook mijn kleinkinderen bijbaantjes. Graag verdienen ze wat extra centjes om het zak- en kleedgeld aan te vullen. Pedagogisch heel juist van de ouders om de kinderen al vroeg te stimuleren ‘hun handjes te laten wapperen’. Tal van baantjes hoor en zie ik langs komen: achter de kassa bij de Jumbo, afwashulp bij een cateringbedrijf, medewerkster in een bioscoop, oppasbaantje, poetsen bij de andere Opa, krantenbezorger en pizzakoerier. Naast studie en sport uitstekende leerwegen voor het leven.
Tijdens familiefeestjes hoor ik de jongelui regelmatig met elkaar babbelen over hun werkervaringen. Een belangrijk punt daarbij is natuurlijk het bedrag dat per uur verdiend wordt. Uiteindelijk gaat het om de centjes die hun leventje enigszins kunnen veraangenamen. Ik kom tot de ontdekking dat 16/17/18 jarigen voor zulke eenvoudige jobs toch gauw 5/6 euro per uur ‘vangen’. Zo zeg je dat toch als nieuwbakken arbeider.
Als ik het ‘jonge gebroed’ duidelijk wil maken dat het uurloon in mijn jeugdjaren van een iets andere orde was, kijken ze me meewarig aan. ‘Dat was in de vorige eeuw Opa. Toen was de gulden er nog.’ ‘Maar dan zal ik jullie eens vertellen wat deze Opa verdiende toen hij als 16 jarige jongen in 1956 een vakantiebaantje had bij Unox in Oss. Tegenwoordig heet dat bedrijf in goed Nederlands ‘Unilever Nederland Foods Factories BV’. ‘Doe dat maar een andere keer Opa’, roept één van de kleinzonen. ‘We zijn bezig met een game op de iPhone. Vertel het maar in één van uw columns. Daar zijn de lezers vast nieuwsgierig naar.’ Ja, ja, je zou ze af en toe achter het behang plakken.
De volgende dag besluit ik de raad van mijn kleinzoon toch maar op te volgen. Via de familie–WhatsApp kan ik het stukje altijd nog ter informatie doorsturen aan het ‘jeugdige krabbetjes volk’.
Bij Unox werd ik als ‘jong broekie’ geplaatst op de productieafdeling van de soepen. Er werkte een ploeg door de wol geverfde Osse meiden, die dat ‘jungske’ wel eens zou leren wat werken was. Ik kreeg een plaats toegewezen aan de lopende band. Bij het begin van de band werden in snel tempo door een machine soepzakjes gevuld. Via de band kwamen die mijn kant op. Mijn taak was het die zakjes recht te trekken voordat ze via katrollen dicht gesmolten werden. Niet al te ingewikkeld. Dat lukte me wel. Later hoorde ik dat er wel zo’n dertigduizend per dag langs kwamen. Soms stropte de machinerie. Dan was het mijn taak om in razende vaart het zaakje weer op orde te krijgen. Na elke werkdag verging ik van de pijn in duimen en polsen.
Uiteraard was ik benieuwd naar de inhoud van het loonzakje dat ik na de eerste werkweek op zaterdag overhandigd kreeg. Het loonstrookje vermeldde dat het uurloon 30 cent bedroeg (heden ten dage amper 14 eurocent) met daar bovenop een reistoelage van één gulden en 20 cent. Totaal dus 13 gulden en 20 cent (amper 6 euro). En dat voor 40 zware arbeidsuren met daar bovenop dagelijks anderhalf uur reistijd. Tel uit je winst.
Nog een kleine bijkomstigheid: het zuur verdiende loon droeg ik thuis netjes af. Van ons moeder zaliger ontving ik gedurende de periode dat ik als Unox - arbeider de kost verdiende één gulden per week extra zakgeld. De rest verdween in de huishoudpot. Hoezo andere tijden?!

© 2017 Thuis in het nieuws | Webworks: DigiFactory Webworks | Design: Creativos 0.01392